114 research outputs found
Fighting over friends and neighbors : The effect of inter-candidate geographic distance on intra-party competition
Previous studies on intra-party competition have largely neglected the role played by geographic distance between co-partisan candidates. In this study, we argue that candidates who live further away from intra-party competitors on the same party list benefit electorally from their remoteness. Moreover, we contend that the electoral effectiveness of exhibiting local personal vote attributes – a theoretically and empirically well-established candidate strategy to cultivate personal votes – also depends on the geographical proximity of localized co-partisan candidates. Using a unique and untapped dataset of more than 5,000 Finnish election candidates’ home address coordinates over four consecutive parliamentary elections (1999–2011), we run beta regression models to examine the effects of candidate remoteness and nearest candidates’ local characteristics on intra-party vote shares. To measure the remoteness of a particular candidate, we develop a novel index based on the distribution of co-partisans over concentric circles around that candidate. The empirical analyses show that the effect of geographic remoteness depends on local party strength and the degree of urbanization: candidates particularly benefit from more distant co-partisans in party strongholds and rural and suburban municipalities. Moreover, all models confirm that nearby located localized co-partisans decrease a candidate’s own vote share. These findings have important implications for politicians’ careers, party nomination strategies and future empirical research on intra-party competition.Previous studies on intra-party competition have largely neglected the role played by geographic distance between co-partisan candidates. In this study, we argue that candidates who live further away from intra-party competitors on the same party list benefit electorally from their remoteness. Moreover, we contend that the electoral effectiveness of exhibiting local personal vote attributes – a theoretically and empirically well-established candidate strategy to cultivate personal votes – also depends on the geographical proximity of localized co-partisan candidates. Using a unique and untapped dataset of more than 5,000 Finnish election candidates' home address coordinates over four consecutive parliamentary elections (1999–2011), we run beta regression models to examine the effects of candidate remoteness and nearest candidates' local characteristics on intra-party vote shares. To measure the remoteness of a particular candidate, we develop a novel index based on the distribution of co-partisans over concentric circles around that candidate. The empirical analyses show that the effect of geographic remoteness depends on local party strength and the degree of urbanization: candidates particularly benefit from more distant co-partisans in party strongholds and rural and suburban municipalities. Moreover, all models confirm that nearby located localized co-partisans decrease a candidate's own vote share. These findings have important implications for politicians' careers, party nomination strategies and future empirical research on intra-party competition.Peer reviewe
Een robuust en maatschappelijk gedragen energiesysteem MMIP 13
De energietransitie zal de komende decennia grote veranderingen teweeg brengen in onze
maatschappij. Industrie, gebouwde omgeving, landbouw, mobiliteit en de energiesector zullen
grootschalig gaan verduurzamen. Verduurzamingstrajecten kennen echter veel onzekerheden
en zijn vaak afhankelijk van elkaar. Deze complexiteit krijgt nog een extra dimensie omdat er
ook afhankelijkheden zijn tussen de verschillende sectoren. De energietransitie is niet alleen
een technologisch vraagstuk, maar is ook sociaal economisch, maatschappelijk, ruimtelijk en
ecologisch van aard. Voor deze systeemproblematiek is vaak geen eenduidige eigenaar. In dit
proces speelt het energiesysteem een centrale rol. Het zal de komende jaren een
fundamentele verandering ondergaan: fossiele brandstoffen zullen stap voor stap worden
vervangen door grote hoeveelheden duurzame, (intermitterende) bronnen, de vraag naar
energie zal gaan veranderen, de grenzen tussen energiedragers zullen vervagen, er zullen
(onderling verbonden) energiesystemen ontstaan op alle schaalniveaus (woning, wijk, regio,
nationaal, internationaal), nieuwe spelers zullen in de energiemarkt hun intrede doen. Kortom
het energiesysteem wordt steeds complexer. Dit betekent dat een transitieproces nodig is dat
het mogelijk maakt om, vanuit een systeemperspectief, adequaat, hoogwaardig en efficiënt
besluiten te kunnen nemen over en invulling te geven aan de inrichting en werking van een
betaalbaar en geaccepteerd energiesysteem waarbij de betrouwbaarheid, leveringszekerheid
en veiligheidop het zelfde niveau blijven als vandaag de dag. Het Meerjarig Missiegedreven
InnovatieProgramma (MMIP) 13 ontwikkelt hiervoor kennis en innovaties.
De 6 deelprogramma’s van dit MMIP richten zich op verschillende aspecten van de uitdaging
rond het integrale energiesysteem. Het programma kent zowel technische als economische en
sociale aspecten
- …