1,239,535 research outputs found

    Modeling importance assessment processes in non-routine decision problems

    Get PDF
    Het afwegingsproces moet worden onderscheiden van de uiteindelijke afweging (het belangrijkheidsoordeel ofwel de aan attributen toegekende gewichten). Het afwegingsproces betreft de denkprocessen die leiden tot de gewichten. Zulke processen zijn uiterst relevant voor de bedrijfskunde en voor inzicht in de dagelijkse praktijk van\ud management. Een manager moet bij beslissingen verschillende soorten informatie (technische, financiële) integreren tot een keuze uit alternatieven. Ondanks de multidisciplinaire pretenties van de bedrijfskunde is niet bekend hoe dit gebeurt. De input en output van multidisciplinaire beslissingsprocessen zijn uitgebreid bestudeerd, wat zich afspeelt in het hoofd van de manager bij het integreren van informatie is voor bedrijfskundigen, maar ook voor psychologen, nog grotendeels onbekend. Er is veel bekend over het genereren van alternatieven, het scoren ervan, en over instrumenten om gewichten te achterhalen, maar niet over denkprocessen met betrekking tot het vaststellen van gewichte

    Black Holes and (0,4) SCFTs from Type IIB on K3

    Full text link
    We study the central charges and levels of 2d N=(0,4)\mathcal{N}=(0,4) superconformal field theories that are dual to four- and five-dimensional BPS black holes in compactifications of type IIB string theory on a K3 surface. They arise from wrapping a D3-brane on a curve CC inside K3 and have transverse space either an ALE or ALF space. These D3-branes have an AdS3×S3/Γ_3 \times \mathrm{S}^3/ \Gamma near horizon geometry where Γ\Gamma is a discrete subgroup of SU(2)SU(2). We compute the central charges and levels of the 2d SCFTs both in the microscopic picture and from six-dimensional N=(2,0)\mathcal{N}=(2,0) supergravity. These quantities determine the black hole entropy via Cardy's formula. We find agreement between the microscopic and macroscopic computations. The contributions from one-loop quantum corrections to the macroscopic result are crucial for this matching.Comment: 36 pages; v2: published version, footnotes added, minor typos correcte

    A research project on interpersonal characteristics and neurotic symptoms: science or magic?

    Get PDF
    Deze lezing presenteert een aantal bevindingen van mijn doctoraatsonderzoek naar het verband tussen interpersoonlijke karakteristieken en neurotische symptomen. De bevindingen zijn op het eerste gezicht spectaculair maar grondiger analyse toont dat ze voor een substantieel deel tot artefacten herleid kunnen worden. De meest voorkomende artefacten zijn te wijten aan content overlap tussen de operationalisaties van variabelen waartussen associaties onderzocht worden en artificiële inflatie van associaties door het opstapelen van foutvariantie als twee variabelen met dezelfde methode opgemeten worden. We beargumenteren dat het niet onderkennen van artefacten in kwantitatief onderzoek wetenschap tot magie herleidt

    Kwalitatieve evaluatie van 10 jaar zorgcoördinatie en case management in de Oost-Vlaamse drughulpverlening: een rondvraag bij hulpverleners en cliënten

    Get PDF
    Sinds 10 jaar wordt door de Provincie Oost-Vlaanderen – in samenwerking met het provinciaal overlegplatform geestelijke gezondheidszorg (PopovGGZ) en alle betrokken voorzieningen – geïnvesteerd in zorgvernieuwing, coördinatie en afstemming van de zorg in de drughulpverlening. Dit heeft naast heel wat ‘onzichtbare’ realisaties (bv. grotere bekendheid van het zorgaanbod, de intakeprocedure en werkwijze van andere voorzieningen, betere samenwerking tussen voorzieningen als gevolg van meer (informele) contactmomenten), ook tot een aantal duidelijk tastbare resultaten geleid. Het betreft onder meer de oprichting van een netwerkcomité middelenmisbruik, de aanstelling van een zorgcoördinator, de uitbouw van een case managementteam en de organisatie van een driewekelijks cliëntenoverleg. Met name deze laatste twee realisaties komen in voorliggend onderzoeksrapport uitgebreid aan bod. We doen dit in de eerste plaats door de direct betrokkenen (cliënten, hulpverleners en verantwoordelijken) zelf aan het woord te laten. De bevindingen van onze kwalitatieve evaluatie worden afzonderlijk besproken met betrekking tot het cliëntenoverleg en case management. Vooreerst worden beide werkvormen beschreven en worden enkele cijfergegevens meegegeven over de interventie in kwestie. Daarna volgt een beknopte bespreking van de gevolgde methodologie. Bij de rapportage van de onderzoeksresultaten wordt een onderscheid gemaakt tussen de bevindingen van hulpverleners over het cliëntenoverleg, de visie van cliënten over case management en het perspectief van case managers en projectverantwoordelijken over deze laatste interventie. We sluiten af met een aantal globale conclusies en aanbevelingen voor de toekomstige praktijk, die we terugbrachten tot tien concrete suggesties ter optimalisatie van het cliëntenoverleg en het case management. In tegenstelling tot eerdere publicaties beroepen we ons in dit onderzoeksrapport slechts in beperkte mate op de literatuur. In voorliggend rapport wilden we vooral het ‘insider’-perspectief laten primeren en voor meer theoretische beschouwingen verwijzen we dan ook naar eerdere publicaties (cf. Vanderplasschen, 2004)

    Sugar quotas: yes or no? : economic consequences for sector, chain, international market situation and third world

    Get PDF
    Het ministerie van EL&I heeft het LEI gevraagd inzicht te verschaffen in de argumenten voor en tegen voortzetting van het centrale element van de huidige suikermarktordening, de quotering, na september 2015. De centrale vraag daarbij is: Wat zijn de gevolgen voor telers, verwerkende industrie, de andere schakels in de suikerketen en andere belanghebbenden in met name Nederland van voortzetting respectievelijk een fundamentele verandering van het Europese suikerbeleid? De resultaten in dit rapport zijn gebaseerd op literatuuronderzoek, waarmee de factoren die een rol spelen in de suikermarkt zijn geïnventariseerd, en op de toepassing van een aantal modellen. Met de modellen zijn aan de hand van een aantal uitgangspunten de effecten van beleidsveranderingen voor onder meer de productie van suiker, de oppervlakte suikerbieten en de inkomens van suikerbietentelers en de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid in het akkerbouwcomplex in Nederland ingeschat

    Nauwkeurig lezen, precies manipuleren, als middel om gelegenheden te grijpen

    Get PDF
    Het artikel bespreekt het jonge oeuvre van Tom Thys Architecten en besteed een bijzondere aandacht voor de ontwerpmethodiek

    Determinants of firm-size

    Get PDF
    Overzicht van theoretische factoren die belangrijk zijn bij het verklaren van schaalgrootte van bedrijven en verschillen in schaalgrootte tussen vergelijkbare bedrijven. Naast de theoretische factoren worden enkele relevante trends beschreven en wordt gekeken naar de impact van deze trends op de mechanismen die schaalgrootte beïnvloeden. Terwijl het aantal overnames en fusies de laatste jaren sterk is toegenomen, is ook het aantal startende bedrijven sterk gegroeid. Per saldo is het gemiddelde bedrijf in Nederland licht in omvang afgenomen. De mechanismen die schaalgrootte en verdeling van schaalgrootte beïnvloeden, zijn bekeken op het niveau van de bedrijven zelf en op het niveau van sectoren. Bij het bedrijfsniveau gaat het bijvoorbeeld om schaal- en scopevoordelen, transactiekosten, ?agency-costs? en de levenscyclus van bedrijven. Mechanismen die belangrijk zijn op het niveau van sectoren of clusters zijn bijvoorbeeld externe schaal- en scope-effecten en netwerkeffecten. Overigens is er veel overlap tussen al deze mechanismen. Trends die belangrijk zijn voor schaalgrootte zijn met name globalisering, technologische ontwikkeling en deregulering.

    Modelling Business Ownership in the Netherlands

    Get PDF
    Beschrijving van een empirisch model ter verklaring van het aantal zelfstandige ondernemingen in Nederland. Een dergelijk model voorziet in het maken van scenario’s gemaakt voor de toekomstige ontwikkeling van het aantal ondernemingen in Nederland. Het model onderscheidt effecten op lange en korte termijn en besteedt expliciet aandacht aan turbulentie (gemeten als de som van bedrijfstoetredingen en -beëindigingen) van de markt. Hierbij wordt gebruikgemaakt van econometrische tijdserietechnieken. Het aantal ondernemingen en het aantal toe- en uittredingen worden zodoende verklaard uit economische en demografische variabelen. Naast de invloeden van deze variabelen tendeert het aantal ondernemingen naar een evenwichtsniveau, dat geschat is voor de lange termijn.

    Learning to notice: Teachers coaching teachers with video feedback

    Get PDF
    Uit onderzoek blijkt de kwaliteit van de leraar voor de klas de meest belangrijke factor is op het leerresultaat van leerlingen.Leraarschap is een professie en net als andere professionals moeten leraren hun vak bijhouden en constant hun eigen handelen evalueren en verbeteren. Soms gaat dat vanzelf, bijvoorbeeld bij beginnende leraren. Om te overleven, zijn zij gedwongen heel snel te leren en zich verder te ontwikkelen. Maar meer ervaren leraren hebben inmiddels allerlei routines opgebouwd en missen vaak wat Koffeman (2011) noemt de 'noodzaak tot leren'. Het proefschrift beschrijft mogelijkheden om de professionalisering van leraren te stimuleren door middel van reflectiegesprekken met collega's en het gebruik van videofeedback. Het proefschrift betreft een ontwerponderzoek met als doel: op onderzoek gebaseerde oplossingen te ontwikkelen voor complexe problemen uit de onderwijspraktijk en tevens bij te dragen aan wetenschappelijke theorievorming, door het bestuderen van de onderliggende ontwerpprincipes. Samen met een school voor voortgezet onderwijs is een concreet programma ontworpen dat meer informele vormen van leren op de werkplek tussen leraren stimuleert. Door het ontwerpproces en de uitkomsten stap voor stap te beschrijven, levert dit onderzoek niet alleen een kant-en-klaar professionaliseringsprogramma dat andere scholen kunnen gaan gebruiken, maar levert het vooral ook bouwstenen op in de vorm van ontwerpprincipes en kennis over hoe en onder welke voorwaarden deze in de school kunnen werken. Met deze bouwstenen worden ook andere scholen in staat gesteld om het programma aan te passen aan de context van de eigen school

    Design methodology in management consulting

    Get PDF
    In dit proefschrift staat de studie van bedrijfskundige ontwerppraktijken centraal, in het bijzonder in het domein van het organisatie-advieswerk. De probleemstelling is: Welke beargumenteerd productieve strategieën hanteren competente organisatie-adviseurs om bedrijfskundige ontwerpen te creëren?Deze vraag wordt beantwoord in vier stappen. Eerst wordt een theoretisch raamwerk geconstrueerd bestaande uit een schets van de ontwikkeling van de bedrijfskundige ontwerpliteratuur, een achtergrondperspectief over hoe de wereld in elkaar zit waarin ontwerpers leven en werken, en een vocabulaire om ontwerppraktijken en praktijkgebaseerde methodologie te kunnen beschrijven. De tweede stap is het karakteriseren van het domein waarbinnen ontwerppraktijken bestudeerd worden: het organisatie-advieswerk. De derde stap is de empirische exploratie van bedrijfskundige ontwerppraktijken, waarvoor een mix van kwantitatieve en kwalitatieve methoden gebruikt is, te weten een enquete onder Nederlandse adviseurs en een serie diepte-interviews met 24 zeer goede organisatie-adviseurs, die op basis van de enqueteresultaten geselecteerd zijn. In deze empirische studie worden de praktijken van adviseurs geëxploreerd, gebaseerd op het theoretisch raamwerk dat in de eerste stap is geconstrueerd. Een belangrijk aandachtspunt in deze exploratie geldt de eventuele rol van stappenplannen, met de bedoeling om de uitgangsdiagnose van dit onderzoek te testen en verder uit te werken, en om de daadwerkelijke rol van stappenplannen in ontwerppraktijken te achterhalen. De vierde en laatste stap in het onderzoek is het formuleren van productieve ontwerpstrategieën
    corecore