Smoutjesweg 2 te Giessenburg

Abstract

In opdracht van Maatschappij Van Dijk - de Bruin heeft KSP Archeologie een archeologisch bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek, karterende fase (IVO-(O)verig); booronderzoek) uitgevoerd voor de locatie aan de Smoutjesweg 2 in Giessenburg (gemeente Molenlanden). Het onderzoek is uitgevoerd voor de aanvraag van een omgevingsvergunning om de bestaande melkveestal uit te breiden. Het doel van het archeologische bureauonderzoek was het opstellen van een gespecificeerde archeologische verwachting voor het plangebied. Op basis van de landschappelijke ligging binnen een komgebied met in de ondergrond een pleistocene riviervlakte al dan niet bedekt door dekzand en rivierduinen is aan het plangebied een onbekende verwachting toegekend voor vuursteenvind-plaatsen uit het Laat-Paleolithicum tot en met het Midden-Mesolithicum en een lage verwachting voor zowel vuursteenvindplaatsen van het Laat-Mesolithicum tot en met het Midden-Neolithicum als voor nederzettingen vanaf het Laat-Neolithicum tot en met de Vroege Middeleeuwen en bebouwingsresten vanaf de Late Middeleeuwen tot en met de Nieuwe tijd. Vervolgens is deze verwachting getoetst door middel van een inventariserend veldonderzoek, karterende fase. Uit het booronderzoek is gebleken dat de bodem tot 4,0 m -mv uit kleiige komafzettingen en veenlagen bestaat. Daaruit wordt geconcludeerd en dat het gebied van oorsprong laag gelegen was en te nat voor bewoning. Daarnaast zijn geen oudere bodemniveaus, archeologische resten of indicatoren aangetroffen. Op basis hiervan blijft de onbekende verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Paleolithicum tot en met Midden-Mesolithicum en de lage verwachting voor vuursteenvindplaatsen uit het Laat-Mesolithicum tot en met Midden-Neolithicum, die op een diepte van meer dan 4,0 m -mv aanwezig zouden kunnen zijn, gehandhaafd. De resultaten van het booronderzoek geven geen aanleiding om de lage verwachting uit het bureauonderzoek voor archeologische resten uit de perioden Laat-Neolithicum tot en met de Nieuwe tijd bij te stellen. Op grond van de aangetroffen komafzettingen en veenlagen in het plangebied en daarmee lage archeologische verwachting tot 4,0 m -mv en een onbekende verwachting voor het niveau dieper dan 4,0 m -mv adviseert KSP Archeologie gezien de ingreepdiepte van 1,75 m -mv voor de gierkelders geen archeologisch vervolgonderzoek

Similar works

Full text

thumbnail-image

Electronic Archiving System

redirect
Last time updated on 29/06/2022

This paper was published in Electronic Archiving System.

Having an issue?

Is data on this page outdated, violates copyrights or anything else? Report the problem now and we will take corresponding actions after reviewing your request.