Op een kleigrond is in de voorafgaande jaren een teeltsysteem ontwikkeld voor de teelt van courgette na een grasklaver voorvrucht op bedden gefreesd in de grasklaver, en met aangepaste en verminderde en bemesting. Timing van stikstof, voor een optimale opbrengst stond hierbij voorop (Timmermans et al., 2010a; 2010b). De onderzoeksvraag voor het huidige proefjaar was om een stap te maken naar de ontwikkeling van een dergelijk systeem voor witte kool. Het gaat dan om witte kool geteeld op bedden gefreesd in grasklaver, met aangepaste bemesting. De behandelingen betroffen voorvrucht grasklaver, voorvrucht courgette (bedden die al een jaar oud waren), beiden met drie N-niveaus. De grasklaver stroken naast de kool werden tijdens de teelt gemaaid en ingezet als maaimeststof. Als vergelijking is er een praktijkbehandeling meegenomen, met voorvrucht grasklaver die ondergeploegd is met varkensdrijfmest. De resultaten laten zien dat het systeem voor witte kool nog niet bedrijfsklaar is. De praktijkbehandeling had een veel hogere opbrengst dan de witte kool op de bedden. Dit had te maken met een lager niveau van beschikbaar stikstof in de proef, maar ook met een systeemverschil: de combinatie van frezen in plaats van ploegen, concurrentie van de grasklaver met de randrijen van de witte kool op de bedden, en minder koolplanten per hectare. Geconcludeerd wordt dat de teelt geoptimaliseerd dient te worden met een hogere en andere bemesting en bredere bedden waarop de kool verbouwd wordt. Verder wordt geconcludeerd dat vers gemaaide grasklaver, gedurende de teelt ingezet als maaimeststof, weinig bijdraagt aan de stikstof beschikbaarheid