969 research outputs found

    'Uw schoonheid hoog te loven'

    Get PDF
    Dit onderzoek naar schoonheid als theologisch concept is bedoeld als bijdrage aan de godsdienstige vorming van leerlingen binnen het reformatorisch voortgezet onderwijs in een postmoderne samenleving. Er is gekozen voor Jonathan Edwards omdat er binnen de eigen traditie geen vergelijkbare theoloog is die schoonheid zo diepgaand heeft beschreven. De zes reformatorische scholen in het voortgezet onderwijs hebben de Statenvertaling als bron en norm, en nemen voor de onderwijsvisie hun uitgangspunt in de Drie formulieren van enigheid. Jezus’ dubbelgebod stellen de scholen als doel voor (godsdienstige) vorming. Vorming staat in het grotere kader van een leven tot Gods eer en de zaligheid van hun leerlingen. Godsdienstige vorming is voorbereiding op en vindt plaats in een samenleving die zich kenmerkt door autonoom denken. Met een overvloed aan informatie, contacten en media is alles vluchtig en oppervlakkig. Het ‘ik’ staat centraal voor waarheid en beleven. Wat goed voelt, is goed en wat dat is mag iedereen zelf bepalen. In zo’n samenleving ontbreekt een overkoepelende betekenis voor het leven en bijbehorende normen en waarden. Net zoals veel andere zaken is schoonheid wat het is in de ogen van de toeschouwer, maar heeft het geen objectieve of transcendente betekenis. In Edwards’ visie op schoonheid, is schoonheid de oorzaak en de structuur van het bestaan. Beauty en excellency zijn synoniemen en true virtue is bij Edwards gelijk aan schoonheid. Schoonheid is being en wordt door de mens ervaren. Het ervaren leidt tot kennis die enkel met het verstand onmogelijk is om te verkrijgen. Dit noemt Edwards sensible knowledge Ed wards differentieërt tussen pr imary en secondary beauty , particular en general beauty, natural en spiritual beauty. God is Being in general en de Ultimate Beauty. God is de grond van het bestaan en de fontein waarvan alle schoonheid overvloedig tot ons afstroomt. Als Edwards spreekt over schoonheid, dan klinken worden als uitnemendheid, heiligheid, liefde en eenheid op de achtergrond mee. Schoonheid is schenkend van aard en daarom is God meervoudig. Gods schoonheid is pure activiteit van liefde, heiligheid en morele uitnemendheid die tot ons komt. Dit wordt zichtbaar in Gods scheppend en reddend handelen. In de Persoon en het werk van Christus krijgt schoonheid op een unieke manier gestalte. De Ultimate Beauty schenkt Zichzelf – tot Zijn glorie – weg, en dat is volgens Edwards de kern van schoonheid. De materiële, immateriële of geestelijke schoonheid hier op aarde, verwijst bij Edwards analogisch en typologisch altijd naar God en de andere geestelijke werkelijkheid. Geschapen naar ‘Gods beeld’, is de mens tot actieve schoonheid geroepen: zich in zelfopofferende liefde weg te schenken aan de ander. Edwards’ visie op schoonheid draagt op een aantal punten bij aan de godsdienstige vorming. Schoonheid kan bijdragen aan de betekenis- en zingeving van het menselijk bestaan en aan de ontwikkeling van het referentiekader van leerlingen. Daarbij biedt schoonheid een eigen perspectief op rentmeesterschap en burgerschap. Schoonheid geeft op een eigen manier oog voor de diversiteit aan talenten die leerlingen bij elkaar kunnen vinden. Schoonheid heeft het in zich om verschillende levensdomeinen met elkaar te verbinden. Schoonheid toont een eigen perspectief op God als Ultimate Beauty. Schoonheid kan een vorm van kennis integreren en een perspectiefwijziging teweeg brengen die de rede alleen niet kan. Schoonheid schenkt andere perspectieven (God is mooi!), en verrijkt bestaande perspectieven (God lief hebben boven alles en je naaste als jezelf), of werkt corrigerend op een negatief imago (‘refo’ zijn is ‘somber’, saai en streng). Tot slot legt schoonheid op een mooie manier verbinding tussen Gods handelen en het menselijk handelen. Ze appelleert om, net zoals God doet, zichzelf in zelfverloochenende liefdadigheid weg te schenken

    ".. are considered to have never left their property". Murdered and robbed. Jews, their survival chances and their real estates in and after World War II in the Groningen countryside: Oldambt, Veendam, Midden-Groningen, Westerkwartier en Het Hogeland:Report of the investigation into the acting of the municipalities Oldambt, Veendam, Midden-Groningen, Westerkwartier and het Hogeland regarding Jewish reals estate ca. 1940-1955

    Get PDF
    The research showed that survival chances of Jews using an individual approach in the region under study was with about 10% a third lower than was until now reported in literature (15%). The report also discusses in detail the appropriation of Jewish reals estates during WWII and the procedures afterwards to restore the original owners, though much more often their successors in their ownership. Especially, a lot of attention is given to those cases were the local government was involved in the acquisition of Jewish property

    Ieper - De Meersen Deel 4. De studie van de metaalvondsten

    Get PDF
    Het onderzoek op de site Ieper - De Meersen leverde een gevarieerde verzameling aan metaalvondsten op. Deze zijn voor een belangrijk deel het resultaat van doorgedreven metaaldetectie tijdens de opgraving. Niet minder dan 1318 objecten van diverse aard kwamen hierbij aan het licht. Een deel daarvan is afkomstig uit goed gedateerde contexten

    Nec tamen consumebatur : een evaluerend onderzoek binnen de CGK naar de kerkrechtelijke mogelijkheden van meerdere vergaderingen als reactie op kerkenraden die afwijken van de besluiten van de meerdere vergaderingen

    Get PDF
    Wat is vanuit kerkrechtelijk oogpunt de beste reactie op het handelen van een kerkenraad die ingaat tegen besluiten van de meerdere vergaderingen? Wanneer een meerderheid van de kerkenraad niet open staat voor vermaning, geeft de huidige kerkorde van de CGK weinig kerkrechtelijke mogelijkheden. De eenheid en rust binnen de kerk van Christus is het centrale thema in de kerkorde. Deze eenheid van gemeenten binnen het kerkverband is gebaseerd op de eenheid in het belijden van het geloof, zoals verwoord is in de confessie. De plaatselijke gemeente met haar kerkenraad is het uitgangspunt van de kerkorde. Dit heeft tot gevolg dat dat de meerdere vergaderingen geen hoger bestuur boven een kerkenraad zijn. Deze scriptie heeft onderzocht welke kerkrechtelijke acties verantwoord kunnen worden. De (oudere redacties van de) kerkorde blijkt te weinig berekend te zijn op situaties waarin een kerkenraad ingaat tegen besluiten van de meerdere vergaderingen. In de geschiedenis is hierom gehandeld vanuit verschillende vormen van noodkerkrecht. Te denken valt aan mogelijkheden tot gesprek, tolerantie van het afwijken, het afzetten van kerkenraden of het buiten het verband plaatsen van een gemeente. In het onderzoek zijn deze vormen van noodkerkrecht geanalyseerd op kerkrechtelijke fundering en toepasbaarheid. Er is onderzocht welke verantwoordelijkheden de meerdere vergaderingen in deze kwestie hebben. Voor alles dient het onderlinge gesprek gevoerd te worden om wederzijds begrip voor ingenomen standpunten te verwerven. De eenheid van de kerk verplicht alle partijen tot bezinning op mogelijkheden om gemeenten met een afwijkende visie te hulp te komen en misschien wel te tolereren. Een kerkenraad is namelijk niet tuchtwaardig wanneer het besluit waarvan zij afwijken onvoldoende ernstig is. De maatstaf om dit te beoordelen, bevindt zich in artikel 79-80 KO. In ernstige gevallen, waarin (een meerderheid van) een kerkenraad afzettingswaardig blijkt te zijn, moet er ingegrepen worden. Het verdient de voorkeur dat een betreffende kerkenraad wordt afgezet door de classis of door kerkenraden van enkele omliggende gemeenten. Wanneer het mogelijk is, wordt in dit proces de gemeente zelf ingeschakeld. Het verbreken van het kerkverband met de betreffende gemeente kan alleen in zeer ernstige gevallen. Dit zijn situaties waarin vrijwel een volledige gemeente afwijkt van de confessie. In zo’n geval mag er niet gesproken worden over een ‘analogische excommunicatie’. De kerk van Christus is immers breder dan welk kerkverband ook. Uiteindelijk zal vooral de christelijke liefde, zoals Jezus als voorbeeld gaf, en de gehoorzaamheid aan Gods Woord betreffende ambtsdragers en gemeenteleden tot inkeer moeten brengen
    • …
    corecore