Skip to main content
Article thumbnail
Location of Repository

Verkenning monitoren wateroverlast Teelt de grond uit bloembollen

By G. Slootweg, P.J.M. Vreeburg and H. Gude

Abstract

Bij het uit de grond telen van lelies en hyacinten is regelmatig wateroverlast opgetreden met gewasschade als gevolg. In dit onderzoek werd nagegaan werd of de water-lucht verhouding verbeterd kon worden door het drainagesysteem aan te passen of door het substraat (duinzand) te mengen met perliet. Uit proeven met verschillende substraten en verschillende drainagelagen en mate van afschot, bleek dat het luchtgehalte van bollenzand verhoogd kan worden door daar perliet aan toe te voegen. Toevoeging van grof zand had weinig effect. Grof zand houdt minder water vast en bevat ook na verzadiging en uitdruipen nog veel lucht. Onderin de substraatlaaglaag zit minder lucht dan bovenin (het uitzakeffect). De meeste lucht zit bovenin in een dikkere laag grond. Tussen de verschillende drainagesystemen waren de effecten niet geheel consistent. De resultaten van de verschillende proeven geven aan dat het optreden van schade is afhankelijk was van de duur en het moment van de wateroverlast. Als het substraat 1 dag verzadigd was trad nog geen schade op. Twee dagen wateroverlast in augustus gaf geen opbrengstderving, terwijl 2 dagen in september wel duidelijk schade gaf. Een week wateroverlast gaf veel schade in augustus en oktober, maar had in november geen effect. Er zijn twee typen metingen aan het gewas uitgevoerd om de schade door wateroverlast te kunnen voorspellen: chlorofylfluorescentie tijdens en (direct na) de periode van wateroverlast in augustus en ethanol bepaling in de bollen direct na de periode van wateroverlast in september en november. De gemeten chlorofylfluorescentie aan het einde van de periode van wateroverlast correleerde over het algemeen met de latere schade aan het gewas. Bij twee dagen wateroverlast in augustus werd direct na deze periode een lagere waarde gevonden t.o.v. de controle. Na twee dagen was de efficiƫntie van de fotosynthese echter weer op het hetzelfde niveau als die van de controle. Deze behandeling gaf geen duidelijke negatief effect op de opbrengst. Het ethanolgehalte in bollen bleek al na 1 dag wateroverlast een stijgende lijn te vertonen. De concentratie vertoonde een rechtlijnig verband met de duur van de wateroverlast. De afbroeiproeven van het teelt de grond uit onderzoek van 2012 lieten zien dat voor hyacint de teeltwijze (wel of niet ingegraven teeltsysteem) niet leidde tot veel verschil in snelheid van bloemaanleg. Bij afbroei van de kleine bolmaten was het aantal nagels per bol laag maar het aantal nagels per steel werd niet hoger door de teelt boven op de grond met hogere bodemtemperatuur. Bij lelies bleek dat de trekduur van de bollen uit de verschillende teeltsystemen op of in de grond nauwelijks verschilde. Ook de taklengte verschilde niet. Er waren verschillen tussen de teeltbehandelingen in takgewicht en aantal knoppen. De bollen uit de volle grond en de ongeisoleerde kisten, die tijdens de teelt op de grond stonden gaven zwaardere takken en meer knoppen tijdens de broei, dan de ingegraven kisten en de geisoleerde kisten. Deze verschillen zijn niet te verklaren aan de hand van de gemeten bodemtemperatuur(fluctuaties) tijdens de teelt, waarmee de oorzaak van de verschillen onduidelijk is

Publisher: Praktijkonderzoek Plant & Omgeving BBF
Year: 2014
OAI identifier:
Provided by: NARCIS
Download PDF:
Sorry, we are unable to provide the full text but you may find it at the following location(s):
  • http://www.loc.gov/mods/v3 (external link)
  • http://library.wur.nl/oai (external link)
  • http://edepot.wur.nl/307541 (external link)
  • http://library.wur.nl/WebQuery... (external link)
  • Suggested articles


    To submit an update or takedown request for this paper, please submit an Update/Correction/Removal Request.