Skip to main content
Article thumbnail
Location of Repository

Kleurrijk Leidinggeven

By S. de la Rie

Abstract

ONDERWERP EN HOOFDVRAGEN Deze masterthesis betreft een onderzoek naar intercultureel management bij een van de grootste horecawerkgevers van ons land: Servex. In dit onderzoek heb ik mij de volgende twee hoofdvragen gesteld: Hoe beïnvloeden persoonlijke, locatie en organisatiekenmerken de managementstijl die managers hanteren bij het sturen van multicultureel personeel? En: Bestaat er een verband tussen de heterogeniteit van het personeelsbestand, de interculturele instelling en de managementstijl en de resultaten die managers boeken? METHODEN EN ANALYSE Deze vragen heb ik beantwoord door middel van een combinatie van onderzoeksstrategieën, te weten: gebruik van bestaand materiaal en een schriftelijke enquête. De gegevens heb ik verzameld tijdens een meeloopperiode binnen de organisatie en de enquêtes heb ik verstuurd naar 181 managers van de formules AH to Go, Kiosk, C’est du pain, Burger King en Restauratieve voorzieningen. Uiteindelijk heb ik 65 van de 181 enquêtes terug gekregen, wat een respons van 36% betekent. De geretourneerde enquêtes zijn verwerkt met behulp van het programma SPSS. In de eerste fase van de data-analyse heb ik alle schalen opgeteld, controles uitgevoerd op het databestand en de betrouwbaarheid van de schalen onderzocht. Vervolgens heb ik mijn hypothesen getoetst. RESULTATEN Over het algemeen wordt door de managers vrij hoog gescoord op totale interculturele instelling. Wat opvalt, is dat er op culturele empathie erg hoog is gescoord. Op dit aspect lopen de scores van de managers tevens het meest uiteen. Vergeleken met culturele empathie is er op emotionele stabiliteit, flexibiliteit en sociaal initiatief niet zo hoog gescoord. Gemiddeld genomen is door de managers binnen Servex het hoogst gescoord op culturele empathie, gevolgd door emotionele stabiliteit, ruimdenkendheid en tot slot flexibiliteit en sociaal initiatief. De scores op de verschillende managementstijlen zijn, net als bij de scores op interculturele instelling, vrij scheef verdeeld. Dit betekent dat de managers binnen Servex relatief hoog scoren op de verschillende managementstijlen. Er wordt door de managers het hoogst gescoord op de normatieve stijl, gevolgd door de intuïtieve stijl, de analytische en tot slot de feitelijke managementstijl. Op de totale, interculturele managementstijl wordt eveneens vrij hoog gescoord. Gezien deze scores beschikken de managers binnen Servex grotendeels over een interculturele managementstijl. Dat wil zeggen dat zij over het algemeen leidinggeven op een manier die als gunstig wordt gezien voor het managen van multicultureel personeel Het gemiddelde percentage allochtonen per vestiging ligt op 16 procent. De heterogeniteit van het personeelsbestand per vestiging loopt voor de formules wel sterk uiteen. Voor Restauratieve Voorzieningen bestaat het gemiddelde personeelsbestand per vestiging voor 9 procent uit allochtonen. Voor Kiosk is dit 10 procent. C’est du pain komt op een gemiddelde van 21 procent en Burger King kent het hoogste aandeel allochtonen per vestiging met een gemiddeld percentage van 39. Het gemiddelde verloop per vestiging ligt op 46 procent, wat als vrij hoog valt te typeren. CONCLUSIE EN AANBEVELINGEN Vergeleken met de locatiekenmerken, is voor persoonlijke factoren de grootste invloed gevonden op de managementstijl die de managers binnen Servex hanteren. Hierbij zijn vooral bepaalde aspecten van interculturele instelling van belang, namelijk: Sociaal initiatief, culturele empathie en emotionele stabiliteit. Daarnaast is leeftijd ook een belangrijke factor in de verklaring van de interculturele managementstijl. Het locatiekenmerk samenstelling van het personeelsbestand blijkt tevens invloed te hebben op de gehanteerde managementstijl, maar de verbanden zijn minder significant dan die tussen persoonlijke kenmerken en managementstijl. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de interculturele managementstijl vooral verklaard kan worden vanuit persoonlijke factoren. Naarmate de manager meer sociaal initiatief en culturele empathie toont, emotioneel stabieler en ouder is, zal deze een meer interculturele managementstijl hanteren. De effectiviteit van de verschillende vestigingen van Servex is onderzocht aan de hand van twee modellen: het vestigingsmodel en het managersmodel. In het vestigingsmodel zijn twee variabelen gevonden die de effectiviteit van de vestigingen kunnen verklaren. Allereerst bleek het soort formule een bepalende factor te zijn in de effectiviteit. Daarnaast bleek dat wanneer er sprake is van een meer heterogeen personeelsbestand, dus wanneer er meer allochtonen in dienst zijn, het verloop hoger is en de vestiging minder effectief. De causaliteit van deze relatie is echter niet aangetoond. Hiervoor zou gecontroleerd moeten worden op het aandeel allochtonen in het verloop. Uit het managersmodel komt naar voren dat de interculturele instelling, de interculturele managementstijl, de leeftijd, het geslacht en de afkomst van de manager geen factoren zijn van waaruit het verloop verklaard kan worden. Binnen Servex, waar geen pragmatisch intercultureel beleid wordt gevoerd, gaat heterogeniteit van het personeelsbestand samen met een hoger verloop en minder effectiviteit. Hieruit moet geconcludeerd worden dat de persoonlijke kenmerken van de manager en zijn managementstijl geen deel uitmaken van het belang dat intercultureel management vormt voor het behoud van personeel en de effectiviteit van organisaties. In de conclusie worden tevens enkele aanbevelingen gedaan voor Servex en voor toekomstig onderzoek. Servex zou cultureel bewustzijn kunnen creëren onder haar personeel door middel van workshops over andere culturen, met als doel de culturele synergie te bevorderen. Dit zou namelijk kunnen leiden tot een lager personeelsverloop. In toekomstig onderzoek zou de effectiviteit van de vestiging tevens gemeten kunnen worden door middel van een tevredenheidsonderzoek onder het personeel, aangezien het verloop niet de enige indicator is voor effectiviteit. Daarnaast is gebleken dat in dit onderzoek de relatie tussen de afkomst van de manager en de afkomst van het personeel niet kon worden getoetst. Dit blijft zodoende een interessante vraag voor toekomstig onderzoek

Topics: Sociale Wetenschappen
Year: 2008
OAI identifier: oai:dspace.library.uu.nl:1874/31014
Download PDF:
Sorry, we are unable to provide the full text but you may find it at the following location(s):
  • http://dspace.library.uu.nl:80... (external link)
  • Suggested articles


    To submit an update or takedown request for this paper, please submit an Update/Correction/Removal Request.